Hadelinus van Celles
† ca 690 · van Celles osb, Ardennen, België · kluizenaar

- Ook bekend als
- Adelinus, Hadalin [122], Haulin [te Jodoigne, Waals-Brabant:400/84p:210]
Geschiedenis
In 641 wordt Eligius bisschop van Noyon. In die tijd moet ook Remaclus uit Solignac vertrokken zijn om in de Ardennen een plekje te zoeken voor een nieuwe kloostervestiging. Hadelinus was hem op zijn weg gevolgd. De legende weet te vertellen welk een wonderbaarlijke gebeurtenis onderweg voorviel.
Legende
van de duif
Toen zij zich langs de weg hadden uitgestrekt om wat uit te rusten, merkte Remaclus op hoe een engel het gezicht van de slapende Hadelinus afschermde voor de stralen van de zon. Toen hij wakker werd, vroeg Remaclus hem welk een visioen hij in zijn slaap gezien had. Aanvankelijk was Hadelinus te beschroomd om er iets over te zeggen, maar uiteindelijk vertelde hij hoe hij in zijn droom een stralende witte duif met gespreide vleugels zachtjes op zijn hoofd had zien neerdalen: "Eerst vloog hij nog wat rond mijn ogen, maar tenslotte streek hij op mij neer, maar wat het allemaal betekent: dat weet ik niet." Toen legde Remaclus hem uit dat God hem blijkbaar had uitverkoren tot grote dingen en dat Hij met dit teken te kennen wilde geven dat zijn Heilige Geest met hem was.
Geschiedenis (vervolg)
In 648 stichtte Remaclus het dubbelklooster van Stavelot en Malmédy; ook dit klooster gaf hij de gecombineerde regel van Columbanus en Benedictus. Maar in de daarop volgende jaren verdwenen hoe langer hoe meer de Ierse elementen eruit. Waarschijnlijk waren ze al te streng, zelfs voor die in onze ogen ruwe en harde tijd.
Waarschijnlijk was het Remaclus die Hadelinus opdroeg om een plekje te zoeken waar hij als kluizenaar kon leven. Wie weet zou hij daar door zijn aanstekelijk voorbeeld en zijn onophoudelijk gebed en psalmgezang nieuwe volgelingen krijgen. Hij vond een ideale plek in een grot niet ver van het tegenwoordige plaatsje Celles. Daar voegden zich inderdaad een aantal leerlingen bij hem; zij bouwden rond zijn kluizenaarswoninkje (= 'cella' in het Latijn) elk een eigen cel. Daaruit ontstond de plaats Celles (= 'cellen’ = kluizenaarswoninkjes).
Zijn faam werd zo groot dat zij ook koning Pepijn II († 714) ter ore kwam. Deze zocht hem op met de vraag van zijn wijsheid te mogen profiteren. Hadelinus herinnerde hem eraan dat hij als koning op zijn beurt onderworpen was aan de hemelse koning. Pepijn schonk hem voor het levensonderhoud enkele percelen grond wat weer door anderen werd nagevolgd.
Legende
van de bron
Toen daar eens maaiers in de zomerhitte aan het werk waren, raakte het water op. Juist op dat moment kwam Hadelinus langs. Hij stak zijn staf in de grond en onmiddellijk ontsprong er een bron.
Legende
van de doofstomme vrouw
Op één van zijn tochten door Dinant liep hem eens een vrouw achterna die onder luid geween een voetval voor hem maakte, maar verder geen woord kon uitbrengen. Daarom vroeg hij aan de omstanders of zij hem konden vertellen wat er met die vrouw aan de hand was. Zij vertelden hem dat zij doofstom was en voegden eraan toe dat zij van hem eigenlijk verwachtten dat hij haar wel beter zou maken. Maar hij achtte zich daar veel te onwaardig voor. De mensen bleven echter bij hem aandringen en tenslotte viel hij op zijn knieën, bad tot God en maakte een kruisteken over de lippen van die vrouw. Terstond kon zij spreken en loofde God.
Legende
van de verbrijzelde deur
Bij een andere gelegenheid werd zijn hulp ingeroepen door een vrouw wier huisdeur door een stier verbrijzeld was. Zij klaagde haar nood en wist niet waar zij het geld vandaan moest halen om de schade te herstellen. Hadelinus drukte haar op het hart haar vertrouwen op de Heer te stellen, want bij Hem zijn vele woningen. Daarna maakte hij een kruisteken over de restanten van de deur, en zie: de deur was weer als nieuw.
Geschiedenis (vervolg)
Na een lang en arbeidzaam leven is hij tenslotte, betreurd door zijn volgelingen, op 73-jarige leeftijd in de Heer gestorven.
Verering & Cultuur
Patronaten
Afgebeeld
Hadelinus wordt afgebeeld als jonge geestelijke, in albe, dalmatiek of misgewaad, met staf en boek, een duif op de schouder of op zijn staf.
Afbeeldingen





Bronnen
- •privé afbeeldingenverzameling
- •privé afbeeldingenverzameling (bis-Maastricht:60)
- •privé afbeeldingenverzameling (romaanse kerk te Celles)
- •privé afbeeldingenverzameling (bk:strip)
- •privé afbeeldingenverzameling (sys)
- •Les BÉNÉDICTINS de Ramsgate 'Dix Mille Saints, Dictionnaire Hagiographique' Brepols, 1991. ISBN 2-503-50058-7
- •KIRSCHBAUM, Engelbert (begründet). Herausgegeben von Wolfgang Braunfels 'Lexikon der christlichen Ikonographie. Erster bis Achter Band' Rom/Freiburg/Basel/Wien, Herder, 1990. ISBN 3-451-21806-2 (kol:469)
- •BRIEMLE, Theodosius, P. 'Unsere Heiligen. Namensdeutung und Lebensnotizen von 2600 Heiligen' Stuttgart, Schwabenverlag, 1953 (Hadalin)
- •HAGEN, van der, E.S. 'Levens der Heiligen, Kerkvaders en Martelaren. I. Deel: van 1 januarij tot 31 maart' 's Gravenhage, A.P. van Langenhuysen, 1837-1838, p. 227
- •RIBADINEIRA, Petrus & ROSWEYDUS, Heribertus 'Generale Legende der Heylighen met het Leven Iesv Christi ende Marie vergadert wt de H.Schrifture, Oude Vaders, ende Registers der H.Kercke van Nievws vermeerdert ende Ghedeylt in tvvee Deelen[Twee Delen]' T'Antwerpen by Hieronymus Verdussen inde Camerstraet inden Rooden Leeuw M.DC.XXXX
- •LINDEN, van der, Renaat 'Bedevaartvaantjes. Volksdevotie rond 200 heiligen op 1000 vaantjes' Brugge, Tabor, 1986. ISBN 90-6597-033-9 (A7-8)
- •'Kunst der Romanik. Malerei Plastik Architektur' Stuttgart/Zürich, Belser Verlag, 1991. ISBN 3-7630-1876-x (139:H. geneest doofstomme vrouw)
- •DEUTZ, Helmut 'Heilige in ihrer Zeit. Gestalten der Kirchengeschichte. Was sie uns heute bedeuten können' Aachen, Einhard-Verlag, 1993. ISBN 3-920284-74-7, p. 17-18
- •LINDEN, Stijn van der, De Heiligen. Amsterdam/Antwerpen, Contact, 1999. ISBN 90-2541-141-x
- •Dries van den Akker s.j./2010.03.07
© A. van den Akker s.j. / A.W. Gerritsen — overgenomen van heiligen.net