Heiligen.net

Petrus Canisius

† 1597 · sj, Fribourg Zwitserland · kerkleraar

Petrus Canisius
ca 1533, Schilderij — Utrecht, Nederland
Ook bekend als
D’Hondt, Kanis, Noviomagus

Op de dag dat in het Duitse land Luther in de ban werd gedaan, 8 mei 1521, werd te Nijmegen Peter Kanis geboren. Amper twee weken later, 21 mei, raakte Don Iñigo de Loyola in de slag om Pamplona ernstig gewond aan beide benen: achteraf gezien zou deze gebeurtenis uiteindelijk leiden tot de stichting van de jezuïetenorde, waar Canisius op 22-jarige leeftijd zou intreden, en die de bedding zou vormen voor zijn indrukwekkende groei naar heiligheid.

Over Canisius’  jeugd is weinig bekend. Hij stamde uit een invloedrijke familie. Zij vader was jarenlang burgemeester van Nijmegen. Zelf vertelt hij later, dat hij als jongen veel kattenkwaad uithaalde, en dat hij op school steengoed was in Latijn.

Op vijftienjarige leeftijd vertrekt hij naar Keulen om daar aan de universiteit te gaan studeren. Van nu af zal hij zijn naam verlatijnsen; eerst noemt hij zich Petrus Neomagus (= Peter van Nijmegen), maar al heel gauw Petrus Canisius. Zijn hart gaat uit naar filosofie en theologie. Hij komt in aanraking met de Kartuizers ; daar gaat hij graag heen om hun eenzaamheid en stilte te delen en zo te komen tot gebed. Het is ook daar dat hij voor het eerst hoort van het bestaan van de Sociëteit van Jezus, een nieuwe religieuze groepering, ook wel jezuïeten genaamd. Dat zijn mannen die hun leven in dienst stellen van God naar het voorbeeld van Jezus. Dat trekt hem. Hij doet een retraite bij de eerste jezuïet die hij ontmoet, Petrus Faber (ook Pierre Favre: † 1546; feest 2 augustus). In 1543 treedt hij toe tot de jezuïetenorde; hij is dan 22 jaar oud.

Hij wordt er vooral belast met diplomatieke taken: zo moet hij namens de paus in Rome aan de bisschop van Keulen gaan duidelijk maken, dat deze terug moet treden omdat hij niet geschikt blijkt. Als hij dat tot een goed einde heeft gebracht, wordt hij naar het eiland Sicilië gestuurd om er een college op te richten, zoiets als een middelbare school. Vanwege het grote succes werd hij naar meer steden gestuurd om zulke colleges op te richten: Wenen, Praag, München, Dillenburg enz.

Dat was telkens opnieuw een moeizaam werk. Eerst moest hij allerlei kerkelijke en maatschappelijke instanties af om ze te winnen voor de oprichting van een college. Dan moest er geld gevonden worden bij weldoeners; er moesten leerlingen komen; liefst ook van arme afkomst: daar moest dan weer extra voor worden betaald door anderen; er moesten paters komen die het geheel droegen...

Intussen vond hij nog tijd om in vele kerken te preken, boeken te schrijven en zieken te bezoeken. Een anekdote vertelt dat hij in 1577 tezamen met een medebroeder logeerde aan het hof van hertog Wilhelm van Beieren te Augsburg. Zijn medebroeder fungeerde als secretaris. In de vrije uurtjes dicteerde hij hem zijn boek over Maria. Op zeker moment moest de secretaris weg, Canisisius in concentratie achterlatend. Toen deze de deur weer hoorde open en dicht gaan, vervolgde hij zijn dictaat over Maria. Een uur later kwam zijn medebroeder-secretaris terug die hoogst verbaasd was door de situatie die hij aantrof. De hertog zelf had een uur lang Canisius’ dictaat uitgeschreven. Hoogst ongebruikelijk voor een man in zo’n hoge maatschappelijke positie. Met het schaamrood op de kaken bood Canisius zijn verontschuldigingen aan. Maar de hertog antwoordde dat hij trots was een bijdrage te hebben kunnen leveren aan zo’n belangrijk boek.

Hij wordt uitgezonden naar het Concilie van Trente als deskundig theoloog. Daar wordt hij geroemd om zijn mildheid, zijn respect voor zijn tegenstanders, de volgelingen der Hervormers. Zijn overtuiging was het dat je je tegenstanders niet moest bevechten, maar zelf voor kwaliteit moest zorgen in de R.K. Kerk: dan zou niemand nog zin hebben uit onvrede naar iets anders op zoek te gaan. Zo zegt hij ergens: ‘De beste manier om je ogen te gebruiken is tranen plengen uit liefde tot God, en Bijbel lezen.’

Zijn beroemdste boek is de catechismus; een eenvoudig vraag- en antwoordenboekje over het Katholiek geloof. Opvallend is dat geen enkele vraag zich richt tegen andere geloofsgroeperingen, maar altijd op zoek is naar de inhoud van het katholieke geloof. Tot halverwege de twintigste eeuw - dus bijna 400 jaar lang - werd het in parochies en op scholen gebruikt.

Toen hij in het voorjaar van 1568 te Dillingen verbleef, meldde zich bij hem een leerling van het College te Wenen. Deze was er weggelopen om aan de invloedssfeer van zijn vader en broer te ontsnappen: die zouden nooit goed vinden dat hij bij de jezuïeten zou intreden en dat was precies zijn ideaal: Stanislas Kostka. Canisius zag dat zijn ideaal echt was, en stuurde hem naar Rome met een positieve aanbevelingsbrief. Hij schrijft onder meer: "De derde jongeman die ik naar u toestuur is Stanislas, een Pool; het is een nobele, positieve en ijverige jongeman. Onze paters in Wenen waren beducht voor de woede van zijn familie en hebben het daarom niet aangedurfd om hem in het noviciaat toe te laten. Ik heb hem getest en ik heb vastgesteld dat zijn roeping volkomen safe is. Hij zelf heeft de wens te kennen gegeven naar Rome te mogen gaan; dan zou hij verder weg zitten van zijn familie en op die manier des te sneller vorderingen kunnen maken in het religieuze leven. Ik heb hoge verwachtingen van hem..."

Zijn mildheid en vriendelijkheid waren bijna spreekwoordelijk. Om die gaven vroeg hij met aandrang in zijn gebeden: dat de Heer hem zou bekleden met een mantel die bestond uit drie stukken: vrede, liefde en standvastigheid. Hij schrijft in een brief: "Barmhartigheid jegens de armen en gebed tot God: dat zijn twee vleugels om naar de hemel te vliegen..." Om daaraan toe te voegen, dat handelaars de prijzen niet nodeloos moesten opdrijven uit liefde voor de armen.

De laatste opdracht was om een college te stichten in de Zwitserse stad Fribourg. Hij is dan bijna zestig jaar oud: 1580. Hij kan het niet meer aan. Fribourg wordt in feite de stad van zijn oude dag.
Uit deze tijd stamt de volgende legende.

Legende

Op een dag maakt Canisius een ommetje door de stad; zijn rechterhand verborgen in zijn toog; onmerkbaar bidt hij zijn rozenkrans. Plotseling komt er een jongetje de hoek omgevlogen en botst tegen hem op. De oude man wankelt maar weet zich juist staande te houden. De jongen verwacht een draai om zijn oren en krimpt al in elkaar, maar de oude priester vraagt vriendelijk: "Nou, nou jij hebt haast...?" "We deden wie het eerste de hoek om zou zijn." Intussen was er een hele groep kinderen omheen komen staan. "Zo en waar gaan jullie dan naar toe?" "Naar huis. We komen van de les." "En heb je vandaag interessante dingen geleerd?" "Ja, een paar vragen uit de Kanisie." "Uit de Kanisie?" "Ja, zo heet ons boek voor godsdienst." "Nou, ik hoop, dat je er zo blij mee bent, dat je het nooit meer vergeet" sprak de oude priester, "tot ziens maar weer." De Kanisie...! Toen hij weer verder schuifelde was het alsof zijn gebed helemaal was opgefleurd.

Het duurt zestien jaar, voordat het college een feit is.
Bij de opening spreekt hij - strompelend en steunend op zijn stok - de laatste woorden die van hem bekend zijn: "Weet u waarom er jezuïeten bestaan? Alleen maar om aan jonge mensen onderricht te geven, en om mensen in elke vorm van nood bij te staan, tot meerdere eer van God..."

Verering & Cultuur

Op afbeeldingen is hij onmiddellijk te herkennen vanwege zijn  karakteristieke gelaat en haardracht; heel vaak heeft hij een (catechismus)boek in de hand; ook vindt men veel afbeeldingen van hem met een leerling aan zijn voeten, vaak vinden we de letters I.H.S.; ze vormen een monogram dat dierbaar is aan de jezuïetenorde: er worden twee betekenissen aan toegekend:
1: In Hoc Signo...(altijd met een afbeelding van het kruis erbij): "In Dit Teken...(zul je overwinnen)"
2: Jezus Hominum Salvator: "Jezus, Mensen-Redder.” In feite echter zijn het drie eerste letters in het Grieks van de naam Jezus (IÈSos).



Afbeeldingen

1920, Tekening — Nijmegen
20 eeuw. Linoleumsnede door Hubert Jacobs s.j.
. 20 eeuw. Linoleumsnede door Hubert Jacobs s.j.
1931, Glasschilderkunst — Amsterdam
Verhaal van Petrus Canisius.
ca 1980, (?). Schilderij — Friedberg (Augsburg). Verhaal van Petrus Canisius.
Canisius geeft katechismusles in de kerk.
1600, Houtsnede. Canisius geeft katechismusles in de kerk.
Canisius als prediker.
1987, Reliëf — Friedberg (Augsburg). Canisius als prediker.
Petrus Canisius geeft geloofsonderricht aan kinderen en ongeschoolden.
— Oude Abdij. Petrus Canisius geeft geloofsonderricht aan kinderen en ongeschoolden.
Duitsland(?), in Läpple: 'Mit den Heiligen...'. Petrus Canisius geeft kinderen katechismusles.
< 1900, Ingekleurde tekening. Duitsland(?), in Läpple: 'Mit den Heiligen...'. Petrus Canisius geeft kinderen katechismusles.
Canisius voor keizer Ferdinand I en kardinaal Truchsess von Waldburg.
1864, Schilderij. Canisius voor keizer Ferdinand I en kardinaal Truchsess von Waldburg.
Glasschilderkunst. Canisius voor keizer Ferdinand I en kardinaal Truchsess von Waldburg.
— Den Haag. Glasschilderkunst. Canisius voor keizer Ferdinand I en kardinaal Truchsess von Waldburg.
Canisius preekt voor alle maatschappleijke groeperingen.
1635, Schilderij. Canisius preekt voor alle maatschappleijke groeperingen.
Canisius als ketterbestrijder.
1641, Kopergravure. Canisius als ketterbestrijder.
1591, Schilderij — St-Blasien
Duitsland.
< 1700, Schilderij. Duitsland.
< 1800, Schilderij in reliekhouder — Innsbruck
1909, Beeldhouwwerk — Den Bosch
Beeld.
— Den Haag. Beeld.
ca 1930, (?). Houtreliëf preekstoel — Bocholt
Glasschilderkunst.
. Glasschilderkunst.
ca 1950, (?). Wandschildering — Würzburg
ca 1953, Wandschildering — Berchmanianum
ca 1960, (?). Reliëf zijaltaar — Augsburg
ca 1960, (?). Steensculptuur — Berchmanianum

Bronnen

© A. van den Akker s.j. / A.W. Gerritsen — overgenomen van heiligen.net