Onufrius de Grote
† ca 400 · woestijnvader

- Patroon van
- KluizenaarsMünchenVeeWevers
- Ook bekend als
- Eunufrius, Honufrius, Humfrey, Humphrey, Onofrio, Onufle, Onufrios, Onuphre, Onuphrius, Onyphrius
Hij verlangde ernaar om in afzondering als woestijnmonnik te leven. Hij kreeg zijn opleiding in Hermopolis Magna (nu: El Asjmoeneen in Midden-Egypte). Vervolgens leefde hij zestig jaar als kluizenaar in de woestijn van de Thebaïs, in Opper-Egypte.
Zijn levensverhaal staat op naam van de woestijnvader Pafnutius († ca 370; feest 9 februari), maar historisch gesproken is dat onwaarschijnlijk, omdat Onufrius' dood wordt geschat op ongeveer 400, en die van Pafnutius op 370. We mogen dus aannemen, dat de verteller zijn verhaal heeft toegeschreven aan Pafnutius om zo meer aandacht te krijgen; in die tijd een niet ongebruikelijke methode.
Toen 'Pafnutius' Onufrius ontmoette, trok deze rond op een ezel om de boodschap van boete en versterving omwille van het evangelie te verkondigen. Op dat moment was hij slechts gehuld in zijn eigen lange witte baard en in een schamele bedekking van ruw-geweven palmbladeren.
Legende [Deze gegevens zijn ontleend aan de fresco’s in de kloostergang van de Sant’ Onofrio te Rome]
Volgens de legende is hij een Abessijnse koningszoon. Zijn ouders kunnen aanvankelijk geen kinderen krijgen. Daarom smeken ze God om verhoring. Als de koningin eenmaal in verwachting is, fluistert de duivel de koning in dat het kind niet van hem is, maar de vrucht van overspel. Het beste is om het meteen na de geboorte in het vuur te werpen, aldus de duivel. Dat doet de koning, zodra het kind ter wereld komt. Maar een engel komt tussenbeide en adviseert het kind te laten dopen. De koning brengt zijn pas geboren zoon naar een monniksgemeenschap om daar een goede opvoeding te ontvangen. Drie jaar lang wordt hij door een wit hert gevoed.
Als kleine monnik deelde hij zijn brood met het Christuskind op de schoot van zijn Moeder. ‘Jij hebt immers niets te eten. Dan eten we samen van mijn brood,’ aldus de kleine Onufrius. Toen er niet lang daarna hongersnood uitbrak, vroeg hij aan de kleine Jezus om brood, die hem prompt een enorm brood schonk. De jongen gaat er onmiddellijk mee naar vader abt. Deze zet meteen de lofzang in: ‘Te Deum laudamus…’ (‘U, God, loven wij!’) De jongen valt natuurlijk meteen in met de juiste woorden: ‘Te Dominum confitemur!’ (‘U, God, prijzen wij!’). Vader abt beseft welk een heilige, engelachtige geest in de jongen schuilt en wil hem het liefst tot abt aanstellen. Zijn leeftijd verhindert dat echter. Wel houdt de jongen niet lang daarna een vurige instructie over de schoonheid van het kluizenaarsleven in de woestijn.
Hij trekt de woestijn in en wordt daar bemoedigd door een visioen: een vurige zuil verschijnt aan de hemel, terwijl hij hoort zeggen: ‘Ik ben een engel van de Heer. Vrees niet!’
Hij stuit daar op een stokoude woestijnvader, Hermeus. Deze wijst hem de bron waarvan hij leefde, biedt hem zijn cel aan, en sterft. Onufrius zorgt voor een eerbiedige begrafenis.
Dertig jaar verblijft hij zo in dienst van de Heer in de woestijn. Door een engel wordt hij dagelijks van brood voorzien. Een wonderbare dadelpalm geeft hem vruchten en elke zondag brengt de engel hem de heilige communie. Zo wordt hij uiteindelijk ontdekt door Pafnutius. Onufrius begeleidt zijn gast naar zijn cel. Pafnutius ziet dat er brood klaar ligt en een kruik water. Pafnutius is er getuige van dat Onufrius bidt voor al degenen die hem in hun gebed gedenken, en vraagt dat hun gebeden mogen worden verhoord. Vervolgens sterft Onufrius. Pafnutius ziet hoe zijn ziel ten hemel wordt opgenomen. Leeuwen schieten te hulp om een graf voor de heilige te graven. Uiteindelijk droogt de bron van Onufrius op, de dadelpalm valt om, en Pafnutius wordt gezegd naar Egypte terug te keren.
Verering & Cultuur
Zo had hij twee gebedskapellen in Constantinopel. Met de kruisvaarders kwam zijn verering naar het westen. Hij kreeg o.m. een kerk in Rome, de Sant’ Onofrio.
Patronaten
Afgebeeld
Afbeeldingen






























Bronnen
- •CHRISTOPHORUS à Sichem ''t Bosch der Eremyten ende Eremitinnen van Aegypten ende Palestinen met figuren van Abraham Blommaert' Antwerpen, Ieronymus Verdussen, 1654, p. 27
- •FRENKEN, Goswin (herausg.) 'Wunder und Taten der Heiligen. Mit 32 Abbildungen nach alten Holzschnitten' München, Bruckmann, 1964, p. 26
- •KIRSCHBAUM, Engelbert (begründet). Herausgegeben von Wolfgang Braunfels 'Lexikon der christlichen Ikonographie. Erster bis Achter Band' Rom/Freiburg/Basel/Wien, Herder, 1990. ISBN 3-451-21806-2
- •MELCHERS, Erna und Hans 'Das grosse Buch der Heiligen. Geschichte und Legende im Jahreslauf in der Bearbeitung von Carlo Melchers' München, Südwest, 1978. ISBN 3-517-00617-3
- •The BENEDICTINE MONKS of St.Augustine's Abbey, Ramsgate 'The Book of Saints. A Dictionary of Servants of God canonised by the Catholic Church: extracted from the Roman & other Martyrologies' New York, MacMillan, 1942 third edition
- •ROUILLARD, Philippe, Dom, OSB 'Dictionnaire des Saints de tous les Jours' Forcalquier, Robert Morel, 1963 (Onufre)
- •RIBADINEIRA, Petrus & ROSWEYDUS, Heribertus 'Generale Legende der Heylighen met het Leven Iesv Christi ende Marie vergadert wt de H.Schrifture, Oude Vaders, ende Registers der H.Kercke van Nievws vermeerdert ende Ghedeylt in tvvee Deelen[Twee Delen]' T'Antwerpen by Hieronymus Verdussen inde Camerstraet inden Rooden Leeuw M.DC.XXXX (06.12)
- •Saint Herman of Alaska Brotherhood 'Saint Herman Calendar for the year 1985' California, Platina, 1984 (06.12)
- •Dries van den Akker s.j./2015.02.27
© A. van den Akker s.j. / A.W. Gerritsen — overgenomen van heiligen.net