Dominicus Guzmán
† 1221 · Bologna, Italië · stichter

- Patroon van
- AstronomenBolognaDominicaanse RepubliekHagelKleermakersKoortsNaaistersPapierfabrikantenSigarenmakers
- Ook bekend als
- van Caraluega
Dominicus' wieg stond in Caraluega, gelegen in de Spaanse provincie Burgos. Hoewel geschiedkundig gesproken zijn geboortedatum niet vaststaat, beweren sommige documenten dat hij op 24 juni 1170 het levenslicht zag. Daarmee is hij een tijdgenoot van Franciscus van Assisi (1180-1226; feest 4 oktober), de stichter van de franciscaner orde, die gekenmerkt wordt door armoede.
Zijn vader heette Felix de Guzmán; zijn moeder was de zalige Juana van Aza († 1190; feest 8 augustus).
Johanna van Aza
op, Spanje;
† ca 1190
(of 1205);
feest
(2 & )
8 augustus
.
Zij werd geboren op het kasteel van het geslacht Aza, dichtbij Aranda in Oud-Castilië. Zij huwde met Felix de Guzmán. Zij kregen twee zoons en een dochter. Daarna kwamen er geen kinderen meer, terwijl de beide echtelieden er bijzonder naar verlangden. Zij ondernamen zelfs een bedevaart naar het graf van de heilige Dominicus van Silos langs de weg naar Compostella. Hierna kregen ze inderdaad een kind, een zoon. Hij werd genoemd naar Dominicus van Silos: Dominicus Guzmán. Zijn moeder gaf hem een diepreligieuze opvoeding. Hij zou later de beroemde stichter worden van de Orde der Predikheren, ook wel naar hun stichter
dominicanen
geheten.
Er is een legende die vertelt, dat Dominicus' moeder tijdens haar zwangerschap eens droomde, dat zij een hond ter wereld bracht met een brandende fakkel in zijn bek. De Latijnse naam voor zijn latere volgelingen '
Dominicanes
' werd ook wel uitgelegd als 'Domini Canes' = 'Honden van de Heer'!
101a»Jane; 102»Jeanne; 106; 107; 224p:22; 282b:171
Hij studeerde in de Spaanse plaats Palencia en werd in 1199 kanunnik te Osma; in 1201 was hij er subprior. In 1205 vertrok hij met de bisschop van Osma, Diego van Azevedo († 1207; feest 30 december), naar Denemarken om er de prinses op te gaan halen die bestemd was de echtgenote te worden van koning Alfonso VIII van Castilië. Maar onderweg hoorden ze, dat het meisjes intussen was overleden. Nu zetten ze koers naar Rome in de hoop dat de paus, op dat moment Innocentius III († 1216), hun toestemming zou geven om de Cumanen in de Oekraïne tot het christendom te bekeren. Maar de paus stuurde ze terug met de uitdrukkelijke opdracht om de cisterciënzer monniken te gaan helpen die in de Zuid-Franse landstreek Languedoc bezig waren de ketterse Albigenzen weer op het rechte pad te krijgen.
Ondanks hun goed bedoelde pogingen hadden de cisterciënzers tot dan toe nauwelijks succes gehad met hun bekeringswerk.
In 1206 richtte bisschop Diego te Prouille bij Toulouse een missiecentrum in om van daaruit onder de katharen te kunnen werken. In datzelfde jaar opende Dominicus er een klooster voor ketterse vrouwen die tot de Moederkerk waren teruggekeerd. Deze stichting zou later uitgroeien tot de orde der dominicanessen .
Toen in 1207 bisschop Diego overleed, lag het voor de hand dat hij, Dominicus, de leiding van deze onderneming op zich nam. Het was hem intussen zonneklaar geworden, dat hij geschoolde helpers nodig had: goed opgeleide priesters, die in discussies hun mannetje zouden staan en tegelijk met hart en ziel toegewijd waren aan de zaak van Christus: kortom een orde van uitstekend opgeleide priester-religieuzen, die net als de Katharen aan versterving, boete en gebed zouden doen, maar dan binnen het kader van een meer gezonde theologie en geloofsopvatting. Immers in een tijd dat de meeste geestelijken meer aandacht hadden voor uiterlijke rijkdom dan voor de rijkdom van hart, hechtten de gewone mensen meer geloof aan predikanten die hun woorden kracht bijzetten met een indrukwekkende levenswijze, zoals de katharen met hun overdreven vasten- en boetepraktijken, dan aan ijdele verkondigers in protserige gewaden en fantastische luxe. En de weinigen die wel in armoede leefden, zoals de cisterciënzers , hadden te weinig scholing om het in de soms dagenlang durende discussies op te kunnen nemen tegen de goed onderlegde ketters.
Zo stichtte Dominicus in 1215 de orde der predikheren, die reeds een jaar later door paus Honorius III († 1227) officieel werd goedgekeurd. De leden ervan worden ook wel naar hun stichter ' dominicanen ' genoemd.
In 1217 stichtte hij in Segovia het eerste Spaanse klooster van zijn orde. Eén jaar vóór Dominicus' dood waren er in geheel Europa niet meer dan vijfentwintig afgestudeerde doctores in de theologie. Zo'n vijftig jaar later telde zijn orde er alleen al ongeveer zevenhonderd, verspreid over Italië, Frankrijk, Spanje, Engeland, Hongarije en tal van andere landen. In de loop van de geschiedenis zijn de dominicanen over de hele wereld uitgegroeid tot een van de meest verspreide en invloedrijke kloosterorden.
Een jaar na zijn dood werd hij opgevolgd door Jordanus van Saksen († 1237; feest 13 februari).
Verering & Cultuur
Zijn volgelingen worden dus predikheren of naar hem ‘dominicanen genoemd’; ze gaan gekleed in een wit habijt met zwart scapulier (overgooier). Het “ Mestreechsen Dictionair ” kent nog een andere betekenis van ‘dominicaan’: boterham van snee zwart- en snee witbrood. Ook het Gents zou deze betekenis kennen, aldus het dictionair.
Patronaten
Daarnaast is hij beschermheilige van astronomen; van papierfabrikanten en sigarenmakers; en van kleermakers en naaisters. Zij voorspraak wordt ingeroepen tegen koorts en tegen hagel.
Afgebeeld
Hij wordt afgebeeld als dominicaan ; met een boek en een lelie ; krans van haar om het kaalgeschoren hoofd; ster voor de borst of boven het hoofd (deze verscheen op het voorhoofd van Dominicus); gevlekte hond met een fakkel in de bek waarmee hij de aardbol in brand steekt (naar de legende van zijn moeders droom); toorts; met een monstrans; met zijn moeder Juana van Aza; met Sint Franciscus. Bekend is ook de afbeelding dat hij - tezamen met de dominicanes Catharina van Siena († 1380; feest 29 april) uit handen van de Moeder Gods een rozenkrans ontvangt.
In 1946 publiceerden Gabriël Smit (rijmpjes) & Piet Worm (prentjes) een boekje over heiligen voor kinderen: ‘Roosjes uit de Hemeltuin’; Utrecht/Antwerpen, De Fontein. Het bevat ook een rijmpje voor Dominicus:
Opdat gij eens aan ons zoudt leren
Hoe met de rozenkrans wij allen
Maria ’t liefste konden eren,
Schonk zij eens u met welgevallen
Dit kralensnoer. Leer mij ook dit,
Dominicus
, dat ‘k beter bid.
Afbeeldingen






Bronnen
- •Acta Sanctorum quotquot toto orbe coluntur... coll. J. Bollandus' Antwerpen/Brussel/Paris 1643ff (3e druk 1863ff). (05.24:praetermissi)
- •The BENEDICTINE MONKS of St.Augustine's Abbey, Ramsgate 'The Book of Saints. A Dictionary of Servants of God canonized by the Catholic Church: (Sixth) Seventh Edition Entirely revised and re-set' London, Cassell, (1989) 2002. ISBN 0-8264-1616-0
- •Les BÉNÉDICTINS de Ramsgate 'Dix Mille Saints, Dictionnaire Hagiographique' Brepols, 1991. ISBN 2-503-50058-7
- •TORSY, Jakob 'Der Grosse Namenstagskalender. 3720 Namen und 1560 Lebensbeschreibungen unserer Heiligen' Freiburg/Basel/Wien, Herder, 1987. ISBN 3-451-20333-2
- •ENGLEBERT, Omer 'La Fleur des Saints. 1910 prénoms et leur histoire' Paris, Albin Michel, 1984. ISBN 2-226-00906-X
- •ENGLEBERT, Omer 'The Lives of Saints' London, Thames and Hudson, 1951
- •MüLLER, Adalbert 'Allgemeines Martyrologium oder vollständiger Heiligenkalender der katholischen Kirche usw' Regensburg, Joseph Manz, 1860 ((ook — 05.24))
- •WIMMER, Otto 'Handbuch der Namen und Heiligen' Innsbruck/Wien/München, Tyrolia, 1966
- •FARMER, David Hugh 'The Oxford Dictionary of Saints' Oxford, University Press, 1996. ISBN 0-19-283069-4
- •Martyrologium Romanum (05.24:overbrenging)
- •Calendarium Ned. kerkprovincie (05.24:overbrenging)
- •GOODICH, Michael E. 'Violence and Miracle in teh Fourteenth Century. Private Grief and Public Salvation' Chicago & London, University of Chicago Press, 1995. ISBN 0-226-30295-4
- •'Levens van de voornaemste Heyligen en roemweerdige Persoonen der Nederlanden' Mechelen, Hanicq, 1809, p. 131 (overbrenging)
- •ELLWOOD POST, W. 'Saints, Signs and Signals. Illustrated and revised by the autor. Forword by Edward N. West. Second Edition' London, SPCK, 1996. ISBN 0-281-02894-X (34(embleem))
- •MORGAN, Tom 'Saints. A visual Almanac of the Virtuous, Pure, Praiseworthy and Good' San Francisco, Chronicle Books, 1994. ISBN 0-8118-0549-2, p. 130
- •LINDEN, Stijn van der, De Heiligen. Amsterdam/Antwerpen, Contact, 1999. ISBN 90-2541-141-x
- •Dries van den Akker s.j./2000.04.04
© A. van den Akker s.j. / A.W. Gerritsen — overgenomen van heiligen.net