Ida van Toggenburg
† 1226 · van Toggenburg osb, Fischingen, Thurgau, Zwitserland · recluus

- Ook bekend als
- Idda, Itta
Geschiedenis
Legende
Ida zou gehuwd geweest zijn met graaf Heinrich van Toggenburg
(zuid-westelijk van de Zwitserse plaats Sankt-Gallen).
Toen deze merkte dat zij hem geen kinderen schonk, begon hij haar te verdenken van hekserij en overspel. Tot overmaat van ramp raakte zij al binnen een jaar na hun huwelijk de kostbare trouwring kwijt, die zij van haar man gekregen had: een prachtstuk. Ze had hem bij het opmaken van haar prachtige haar even in het venster gelegd, omdat haar haren steeds verstrengeld raakten in de flonkerende edelsteentjes. Waarschijnlijk was hij door een raaf meegepikt. In ieder geval kwam geruime tijd later een jager zich melden op het kasteel; hij had haar trouwring om. Hij beweerde dat hij die in een ravennest had gevonden. Ergens in het bos hadden de beesten boven hem zo'n leven gemaakt, dat hij nieuwsgierig naar hun nest was geklommen en daar had hij de ring aangetroffen. Hij was er zo verguld mee, dat hij hem zelf had gehouden en zo nu en dan droeg, tot hij op het kasteel kwam en onmiddellijk van diefstal werd beschuldigd. De graaf geloofde niets van al zijn verhalen. Hij zag zijn verdenkingen bevestigd. Hij liet de jager aan zijn voeten ophangen. In zijn angst bekende deze dat hij de ring persoonlijk van Vrouwe Ida had gekregen. Als beloning schoot de graaf hem een pijl door het hart. In de ruzie met zijn vrouw die daarop volgde, stootte hij haar ruw uit het venster van de slottoren; hetzelfde venster, vanwaar haar ring was verdwenen... Zij viel vele meters naar beneden, maar wonder boven wonder overleefde Ida haar val. Ze trok zich terug in een onherbergzaam gebied in het woud. Het schijnt dat op de avond van die eerste dag aan haar een hert verscheen met zeven lichtjes in zijn gewei. Het nodigde haar uit hem te volgen. Deze bracht haar bij een grot, waar zij haar woning van maakte.
Intussen zocht Graaf Heinrich naar rust voor zijn geweten. Hij beleed zijn zonden in het openbaar en maakte een pelgrimstocht naar het Heilige Land.
Sindsdien waren er zeker zeventien jaar verstreken, toen hij tijdens één van zijn jachtpartijen een prachtig hert in het oog kreeg. Hij moest er de gevaarlijkste toeren voor uithalen om zijn spoor niet bijster te raken. De rest van zijn gezelschap was al lang achtergebleven. Telkens als Heinrich meende het onder schot te kunnen nemen, verdween het weer. Uiteindelijk zocht het zijn toevlucht in een grot. Zeker van zijn buit, sloop hij naderbij met de boog in de aanslag. Plotseling trad er een vreemd wezen naar buiten, het leek op een vrouw, en sprak: "Keer terug naar de wereld van de mensen. Dit is de wereld van God!" Eerst dacht de jager dat het een heks was, maar toen hij de stem hoorde, wist hij het zeker...!
Aan haar voeten lag het hert dat bij haar bescherming had gezocht. Beiden lieten hun tranen de vrije loop. Ida bezwoer hem dat zij hem allang had vergeven. Hij vroeg haar hoe hij kon laten zien dat hij ook zijn leven gebeterd had. Daarop verzocht zij hem haar te eerbiedigen in deze levenswijze, en van haar weg te gaan, maar ervoor te zorgen dat zij een bijbelboek kreeg, een gebedssnoer en - als het mogelijk was in deze verlaten uithoek - zo nu en dan het bezoek van een priester om haar biecht uit te spreken en de communie te ontvangen.
Telkens als de priester bij haar de mis opdroeg en zij beiden de liederen zongen, kwamen de dieren van het woud stilletjes naderbij, de vogels en de vossen, de wezels en wilde katten, de zwijnen, fretten en hermelijnen; het was net of zij bij die gelegenheid hulde kwamen brengen aan hun schepper. Toen zij hulpbehoevend werd, ging zij wonen bij klooster Fischingen...
Verering & Cultuur
Zij is patrones voor het terugvinden van weggelopen vee; haar voorspraak wordt ingeroepen bij aanvechtingen van de duivel, vrouwenkwalen en hoofdpijn.
Zij wordt afgebeeld als kluizenares met een hert waarvan alle takken van het gewei verlicht zijn aan de uiteinden als een toorts en die haar de weg wijst in de nacht; lezend in haar getijdenboek met de hulp van dat wonderlijke licht; met een raaf die haar huwelijksring in de bek heeft.
Bronnen
- •BEISSEL, Stephan 'Die Verehrung der Heiligen und ihrer Reliquien in Deutschland im Mittelalter mit einem Vorwort zum Nachdruck 1976 von Horst Appuhn' Darmstadt, Wissenschaftliche Buchgesellschaft, 1983. ISBN 3-534-06765-7, p. 111
- •BRIEMLE, Theodosius, P. 'Unsere Heiligen. Namensdeutung und Lebensnotizen von 2600 Heiligen' Stuttgart, Schwabenverlag, 1953
- •DIETHELM, Walther, P. 'Heiliges Schweizerland. Von Heiligen und heiligen Stätten unserer Heimat' Einsiedeln/Zürich/Köln, Benziger Verlag, 1949
- •GUILLET, Arnold 'Das Grosse Gebet der Eidgenossen' Stein am Rhein, Christiana, 1973. ISBN 3 7171 0544 2
- •HINKEL, Helmut 'Die Diözesanheiligen im deutschsprachigen Raum' Topos Taschenbücher 172. Mainz, Matthias Grünewald-Verlag, 1987. ISBN 3-7867-1316-2, p. 92
- •KIRSCHBAUM, Engelbert (begründet). Herausgegeben von Wolfgang Braunfels 'Lexikon der christlichen Ikonographie. Erster bis Achter Band' Rom/Freiburg/Basel/Wien, Herder, 1990. ISBN 3-451-21806-2
- •LINDEN, Stijn van der, De Heiligen. Amsterdam/Antwerpen, Contact, 1999. ISBN 90-2541-141-x
- •MELCHERS, Erna und Hans 'Das grosse Buch der Heiligen. Geschichte und Legende im Jahreslauf in der Bearbeitung von Carlo Melchers' München, Südwest, 1978. ISBN 3-517-00617-3
- •MüLLER, Adalbert 'Allgemeines Martyrologium oder vollständiger Heiligenkalender der katholischen Kirche usw' Regensburg, Joseph Manz, 1860
- •Rge.1941»Idda-Fischingen
- •Rge.1989
- •Les BÉNÉDICTINS de Ramsgate 'Dix Mille Saints, Dictionnaire Hagiographique' Brepols, 1991. ISBN 2-503-50058-7 (Ide)
- •Sü.1941
- •TORSY, Jakob 'Der Grosse Namenstagskalender. 3720 Namen und 1560 Lebensbeschreibungen unserer Heiligen' Freiburg/Basel/Wien, Herder, 1987. ISBN 3-451-20333-2 (Idda)
- •VERHEYEN, Jan 'Heiligen en Dieren' Katwijk, Servire, 1980. ISBN 90.6325.074.6, p. 76-92 (Ida-Kirchberg)
- •WIMMER, Otto 'Handbuch der Namen und Heiligen' Innsbruck/Wien/München, Tyrolia, 1966
- •Dries van den Akker s.j/2004.01.03
© A. van den Akker s.j. / A.W. Gerritsen — overgenomen van heiligen.net