Dionysia van Utica met Majoricus, Dativa en anderen
† 484 · Byzancène, zuidelijk Tunesië, Noord-Afrika · martelares met haar zoontje Majoricus, haar zuster Dativa, met Leontia, Tertius en Bonifatius, die allen tot haar familiekring behoorden en de arts Aemilianus

Sinds het optreden van Aríus († 336) was de christenheid ernstig verdeeld (zie: Arianen ).
In de tweede helft van de 5e eeuw hadden de Vandalen Noordelijk Afrika veroverd. Hun koning, Hunnerik, was een overtuigd ariaan. Hij vaardigde op 25 februari 484 een decreet uit, waarin werd bepaald dat ieder die na 1 juni van dat jaar nog een andere leer zou aanhangen dan de ariaanse , zonder vorm van proces zou worden omgebracht.
Vele christenen gingen om. Maar er was ook een groep standvastige gelovigen die vasthield aan de aloude leer. Sommigen wisten zich verborgen te houden tot de dood van Hunnerik, welke al plaats vond in datzelfde jaar. Maar intussen vielen er ook zo'n vijfduizend slachtoffers omwille van hun geloof. Aldus de toenmalige bisschop van Byzancène, Victor geheten: 'Naast vele andere slachtoffers die er vielen tussen mijn mensen, wil ik speciaal vermelden Dionysia ; haar schoonheid ging die van verreweg de meeste vrouwen hoog te boven. Met haar stierf ook haar zoontje Majoricus : hij betoonde zich even moedig als zijn moeder. Daarnaast noem ik nog Aemilianus , een hoogbejaarde arts, Leontia , Bonifatius van Sibida en nog vele anderen die door Dionysia werden bijgestaan en aangemoedigd om toch in godsnaam trouw te blijven aan het geloof ondanks alle folteringen.'
Dionysia was een hoogstaande matrone die een belangrijke rol speelde in het publieke leven van de laat-Romeinse samenleving. Zij stierf voor de nieuwsgierige ogen van de burgers, die zagen hoe zij eerst tot bloedens toe werd afgeranseld met een zweep en vervolgens op een staak gespietst. Van haar zoontje wordt nog verteld dat hij eerst nog even rilde bij het zien van de martelwerktuigen, maar zijn moeder sprak hem moed in, en hij stierf als een man.
Andere bronnen noemen nog de namen van Dativa , een zuster van Dionysia, en een zekere Tertius . Deze laatste werd tezamen met Aemilianus levend geroosterd.
Volgens ooggetuigen schijnt de bloeddorst de Vandalen zo te hebben verblind dat ze elkaar raadseltjes opgaven wie de meest buitenissige doodstraf kon bedenken.
Bronnen
- •The BENEDICTINE MONKS of St.Augustine's Abbey, Ramsgate 'The Book of Saints. A Dictionary of Servants of God canonised by the Catholic Church: extracted from the Roman & other Martyrologies' New York, MacMillan, 1942 third edition
- •The BENEDICTINE MONKS of St.Augustine's Abbey, Ramsgate 'The Book of Saints. A Dictionary of Servants of God canonized by the Catholic Church: (Sixth) Seventh Edition Entirely revised and re-set' London, Cassell, (1989) 2002. ISBN 0-8264-1616-0
- •ENGLEBERT, Omer 'La Fleur des Saints. 1910 prénoms et leur histoire' Paris, Albin Michel, 1984. ISBN 2-226-00906-X
- •MüLLER, Adalbert 'Allgemeines Martyrologium oder vollständiger Heiligenkalender der katholischen Kirche usw' Regensburg, Joseph Manz, 1860
- •BRIEMLE, Theodosius, P. 'Unsere Heiligen. Namensdeutung und Lebensnotizen von 2600 Heiligen' Stuttgart, Schwabenverlag, 1953
- •[Dries van den Akker s.j./2007.11.23
© A. van den Akker s.j. / A.W. Gerritsen — overgenomen van heiligen.net